Scheiding en Kapitaalverzekering Eigen Woning (KEW)

Een 'kapitaalverzekering eigen woning' is een kapitaalverzekering die speciaal bestemd is voor het sparen voor de aflossing van de eigenwoningschuld. Deze verzekering moet aan bepaalde voorwaarden voldoen. Vaak sluit u de kapitaalverzekering af met een spaarhypotheek.

Hoe werkt het?

U sluit de 'kapitaalverzekering eigen woning' af bij een verzekeringsmaatschappij. U betaalt maandelijks of 1 keer per jaar een bedrag (premie). 

Aan het eind van de looptijd van de verzekering keert de verzekeringsmaatschappij een bedrag uit. U gebruikt die uitkering om uw eigenwoningschuld (de hypotheek of lening voor uw huis) af te lossen. Daarbij hebt u meestal recht op een vrijstelling. Ontvangt u een uitkering bij overlijden van uw fiscale partner, dan kan uw vrijstelling worden verhoogd.

Er is alleen sprake van een KEW zolang de woning een eigen woning is. Deze woning moet in eigendom zijn van de verzekeringnemer of diens fiscaal partner.

Als niet meer aan de voorwaarden voor een KEW wordt voldaan, wordt de verzekering geacht tot uitkering te zijn gekomen. Dit wordt de fictieve uitkering genoemd. Het rentebestanddeel in deze fictieve uitkering wordt in box 1 belast. Bij scheiding hebben partners de mogelijkheid om de vrijstelling toe te passen als nog niet aan de eis van twintig jaar premiebetaling is voldaan.

Fictieve periode van de eigen woning

In de wet is opgenomen dat een eigen woning nog ten hoogste twee jaar - 24 maanden na het verlaten van de woning - als eigen woning kan worden beschouwd nadat een van de partners, zijnde de verzekeringnemer, de woning door scheiding heeft verlaten. De andere partner moet de woning blijven aanmerken als hoofdverblijf. Na deze periode van twee jaar kan sprake zijn van een fictieve uitkering, omdat niet meer wordt voldaan aan de eisen voor een KEW.

Verdeling van de gemeenschap

Bij verdeling van de gemeenschap bij scheiding moet goed worden bekeken of
de KEW aan de voorwaarden blijft voldoen.
Het verzekeringnemerschap moet worden aangepast. De ex-partner kan als verzekerd lijf
op de verzekeringspolis opgenomen blijven. Niet van belang is wie de verzekerde is.

Aanpassen van de verzekering

Het wijzigen van de verzekering als gevolg van echtscheiding betekent dat de ene KEW wordt
voortgezet in een andere KEW. De looptijd van de oude verzekering telt mee voor de
looptijd van de nieuwe. Ook de bandbreedte eis is van toepassing op de premies die op
beide verzekeringen worden voldaan. De verzekering moet volledig blijven voldoen aan
de voorwaarden voor de KEW, waaronder de bandbreedte-eis.

Echter, voor de bandbreedte-eis geldt een uitzondering. Deze uitzondering is van
toepassing als een van de twee verzekerden van de verzekering wordt verwijderd.
Hierdoor kan wijziging van de premie plaatsvinden waardoor de bandbreedte
wordt overschreden.

Door de bandbreedte overschrijding wordt niet aan de voorwaarden
van de KEW voldaan en wordt de KEW geacht (fictief ) tot uitkering te komen. Dit is
niet wenselijk volgens de staatssecretaris.

Hij is van mening dat overschrijding van de bandbreedte door bij echtscheiding een
verzekerde van het polisblad te verwijderen niet tot verlies van het KEW-regime kan leiden.
Voorwaarde is wel dat de premiebetaling overigens geen wijziging mag ondergaan.
Dit geldt ook voor verzekeringen die zijn afgesloten onder het overgangsrecht.

De KEW kan op verschillende manieren worden aangepast:

  • Wijziging van de verzekeringnemer. De KEW moet worden toegedeeld aan degene die in
    de eigen woning achterblijft.
  • Wijziging van de verzekerde. Goedgekeurd is dat de hiermee samenhangende
    aanpassing van premie niet tot verlies van overgangsrecht kan leiden.
  • Hoogte verzekerd kapitaal. Voor uitkeringen uit een KEW geldt slechts een beperkte vrijstelling.
    Onder voorwaarden is een uitkering van € 161.500 (2015) per belastingplichtige vrijgesteld.
    Na de scheiding wordt vaak maar een keer de vrijstelling genoten in plaats van
    het dubbele bedrag, omdat een van de partners van de verzekeringspolis is
    verwijderd. In veel gevallen zal dan op de einddatum een hoger deel van de uitkering
    progressief in box 1 worden belast.
  • Gedeeltelijke voorzetting in een andere KEW. De verzekering mag worden gesplitst
    in twee verzekeringen als aan de eisen voor een KEW wordt voldaan. Beide ex-partners
    moeten over een eigen woning beschikken.
    Er is sprake van gedeeltelijke afkoop als een van de ex-partners geen eigen woning bezit.

Spaarrekening Eigen Woning (SEW)

Er is alleen sprake van een SEW zolang de woning een eigen woning is. Deze woning
moet in eigendom zijn van de rekeninghouder of diens fiscaal partner. Als niet meer aan de
voorwaarden voor een SEW wordt voldaan, wordt de rekening geacht tot uitkering te zijn
gekomen. Dit wordt de ‘fictieve uitkering’genoemd. Het rentebestanddeel in deze
fictieve uitkering wordt in box 1 belast. Dit geldt ook als de SEW wordt vervreemd. De partners
hebben de mogelijkheid om de vrijstelling van toepassing te laten zijn als nog niet aan de
twintigjaarseis is voldaan.

Uitzondering op het vervreemdingsverbod geldt voor een vervreemding of verdeling bij
het aangaan of beëindigen van een huwelijk of van een duurzame huishouding.

De SEW kan dan op de volgende wijzen worden aangepast:

  • Wijziging van rekeninghouder. De nieuwe rekeninghouder moet wel in het bezit zijn
    van een eigen woning met eigenwoningschuld.
  • Gedeeltelijke voorzetting in een andere SEW. De rekening mag worden gesplitst in
    twee rekeningen als aan de eisen voor een SEW wordt voldaan. Beide ex-partners
    moeten over een eigen woning beschikken. Er is sprake van gedeeltelijke afkoop als
    een van de ex-partners geen eigen woning bezit of geen eigenwoningschuld aanwezig
    is. Omdat de SEW slechts eenmalig mag worden gedeblokkeerd, wordt fiscaal gezien
    de gehele SEW afgekocht. Het voorgaande geldt ook voor de Beleggingsrekening Eigen
    Woning (BEW).

Overname KEW, SEW of BEW en annuïtaire eigenwoningschuld

Het is mogelijk om de KEW bij echtscheiding te verdelen of toe te rekenen aan een van de ex echtgenoten. Dat kan zonder belastingheffing.

Wanneer de KEW bij echtscheiding in zijn geheel wordt toebedeeld aan een van beiden
partners ontstaat er een verschil met de toedeling van de eigenwoningschuld. De
eigenwoningschuld kan namelijk na 1 januari 2013 niet aan een van beiden partners in
zijn geheel worden toebedeeld met behoud van renteaftrek vanwege de gewijzigde
regelgeving. De eigenwoningschuld die wordt gebruikt voor het uitkopen van de partner
kan alleen aftrekbaar zijn wanneer deze ten minste annuitair wordt afgelost.