Scheiding en lijfrente

Bij echtscheiding of einde van een geregistreerd partnerschap kan een verplichting tot verrekening van lijfrenteaanspraken ontstaan.

De gefacilieerde lijfrente

In de Wet IB 2001 is een regeling voor echtscheiding opgenomen. De verzekeringnemer kan een aantal handelingen uitvoeren die niet als negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen worden aangemerkt.

Bij verdeling van de gemeenschap bij echtscheiding het volgende mogelijk voor echtgenoten die zijn aangemerkt als binnenlandse belastingplichtigen:

  • De lijfrenteverzekering kan geheel of gedeeltelijk worden overgedragen aan de ex-echtgenoot. Dit betekent onder andere dat de verzekering kan worden gesplitst.
  • De ex-echtgenoot kan op de verzekering als onherroepelijk begunstige worden aangewezen.
  • De fiscaal toegestane lijfrenteverzekering voor de verzekeringnemer kan worden omgezet in een fiscaal toegestane lijfrenteverzekering voor de ex-echtgenoot. De ex-echtgenoot wordt dan zelf verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde.
    Gedeeltelijke of gehele afkoop van de lijfrenteverzekering is bij echtscheiding niet toegestaan.

De bancaire lijfrente

De fiscale gevolgen bij echtscheiding voor een bancaire lijfrente sluiten aan bij die voor een lijfrenteverzekering. De rekeninghouder kan een aantal handelingen uitvoeren die niet als negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen worden aangemerkt.

Bij verdeling van de gemeenschap bij echtscheiding of scheiding van tafel en bed is het volgende mogelijk voor echtgenoten die zijn aangemerkt als binnenlandse belastingplichtigen:

  • De lijfrenterekening kan gedeeltelijk worden overgedragen aan de ex-echtgenoot. Dit betekent onder andere dat de rekening in twee delen kan worden gesplitst.
  • De fiscaal toegestane lijfrenterekening voor de verzekeringnemer kan worden omgezet in een fiscaal toegestane lijfrenterekening voor de ex-echtgenoot. De ex-echtgenoot wordt dan zelf rekeninghouder van de rekening.

Gedeeltelijke of gehele afkoop van de lijfrenterekening is bij echtscheiding niet toegestaan.

Let op!

Als de verrekening in het voorgenoemde voorbeeld plaatsvindt met geld of andere vermogensbestanddelen, bijvoorbeeld een auto, is sprake van uitruil van de lijfrenteverzekering.